De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.

Strict noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om over de site te navigeren, of om te voorzien in door u aangevraagde faciliteiten.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren van de functionaliteit van de website door het opslaan van uw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor een betere gebruikerservaring ontstaat.
Online surfgedrag gebaseerde reclame cookies
Deze cookies worden gebruikt om op de gebruiker toegesneden reclame en andere informatie te tonen.

Een boek over seksueel misbruik: waarom?

Seksueel misbruik is vaak "onzichtbaar". Toch kan het overal plaats vinden, veraf of heel dichtbij. Elke leerkracht, elke school kan er mee geconfronteerd worden. En wat dan? Hoe ga je daarmee om? Hoe kan je het kind helpen?

Dit boek biedt een antwoord op vragen van leerkrachten, zorgcoördinatoren en directies die dag in dag uit bezorgd zijn om het welbevinden van de kinderen. We willen elk schoolteam motiveren om aandacht te besteden aan het groot geheim - dat misbruik heet - in het kleine hoofdje van een kind. Zo willen we tevens het taboe doorbreken, het taboe dat ervoor zorgt dat men het seksueel misbruik misschien liever niet ziet of benoemt.

Kinderen die (mogelijk) slachtoffer zijn van seksueel misbruik moeten de ruimte krijgen om hun verhaal te doen, als ze dat zelf willen! Ze worden bijgestaan en eventueel doorverwezen. Het is absoluut niet de bedoeling dat leerkrachten op zoek gaan naar feiten of zelf diagnoses stellen of dat zij zelf begeleidingen op zich nemen.

Dit boek biedt houvast bij eventuele problemen maar ondersteunt de school ook bij zijn preventieve rol. De school moet een warme en veilige plek zijn waar alle kinderen terecht kunnen met hun kleine of grote problemen. Daarbij is het heel belangrijk om alle kinderen bij te staan in hun socio-emotionele ontwikkeling.

Seksueel misbruik: wat dien je te weten over daders, slachtoffers, gevolgen, …

Meestal speelt seksueel misbruik van kinderen zich af binnen de familiale context (broer, nonkel, (stief)-ouder, …). Maar ook wanneer het gaat om seksueel misbruik buiten de familiale kring, gaat het vaak om een "bekende" die het vertrouwen geniet van het kind en zijn omgeving en die heel langzaam bepaalde grenzen overtreedt.

De pedoseksuele misbruiker lijkt niet te verschillen van de doorsnee man of vrouw in de straat. Hij of zij wordt vaak omschreven als "de kindervriend bij uitstek". Daders stellen meestal heel wat in het werk om ervoor te zorgen dat het misbruik niet aan het licht komt. De geheimhouding wordt soms afgekocht met vriendschap, cadeautjes, geld of andere voorrechten. Soms legt de dader de schuld bij het kind, "het is jouw schuld en je mama zal nooit geloven dat dit gebeurd is".

Zowel meisjes als jongens worden slachtoffer. Meisjes lijken iets meer risico te lopen op jonge leeftijd. Jongens lijken eerder slachtoffer te worden tijdens de puberteit. Let wel, jongens praten misschien minder snel, waardoor het misbruik niet steeds aan het licht komt.

Peuters en kleuters worden soms misbruikt, maar vanaf de leeftijd van zes stijgt het risico met de leeftijd, vanaf twaalf à dertien jaar daalt het weer.

Bepaalde persoonlijke eigenschappen kunnen ervoor zorgen dat een kind als slachtoffer wordt uitgekozen. Emotioneel kwetsbare, beïnvloedbare, goedgelovige kinderen die daarenboven weinig kennis hebben over een gezonde seksualiteit zijn voor daders eerder gemakkelijke prooien. Niettemin moeten we duidelijk stellen dat kinderen nooit verantwoordelijk zijn voor wat volwassenen hun aandoen. Zij lokken het misbruik nooit uit!

Een kind dat misbruikt wordt voelt zich meestal machteloos en erg angstig. Bovendien kan het die angst vaak niet uiten, omdat de dader geheimhouding afdwingt.

De impact van het misbruik kan de rest van de ontwikkeling van een kind blijven beïnvloeden, omdat de dader vooral het fundament "vertrouwen" treft. Het kind verliest het vertrouwen in die personen die het mag en moet vertrouwen en daardoor ook het vertrouwen in zichzelf.

De zichtbare symptomen op korte termijn worden in drie groepen ingedeeld:

  1. geseksualiseerd gedrag: veelvuldig masturberen, overdreven seksuele nieuwsgierigheid, provocerend seksueel gedrag, enz.
  2. posttraumatische stress: nachtmerries, angst, eenzaamheid, psychosomatische klachten zoals buikpijn, een starende blik en schuldgevoelens.
  3. psychopathologische stoornissen: psychische aandoeningen zoals depressie, terugtrekgedrag, antisociale gedragsstoornissen.

Op lange termijn zien we dat de gevolgen van seksueel misbruik vaak doorlopen tot op latere leeftijd. Tijdens de adolescentie zien we jongeren met een laag zelfbeeld, naar zichzelf gerichte agressie, zelfmoordgedachten, wegloopgedrag, delinquentie, enz.

Hoe jonger het slachtoffer en hoe langer de periode van het misbruik, hoe groter het risico op ernstige gevolgen op lange termijn. Maar gelukkig zijn er ook veel slachtoffers die dankzij snelle detectie, goede hulpverlening en de aanwezigheid van een ouder in het hulpverleningsproces, opgroeien tot evenwichtige volwassenen zonder bijzondere problemen.

Wat betekent preventie in dit kader?

De school kan seksueel misbruik niet "wegnemen". Maar, ze kan kinderen wel ondersteunen in het bewust worden van mogelijk misbruik en in het leren omgaan met wat hun overkomt. We willen dat zij een uitweg vinden uit het kluwen van angst en pijn aan de ene kant en mogelijk loyauteit en liefde voor de dader aan de andere kant.

Met dit doel voor ogen willen we de sociale en emotionele vaardigheden van de kinderen versterken. De klemtoon ligt daarbij niet op de fysieke en sociale weerbaarheid (leren neen zeggen, je grenzen bepalen, enz.). Deze vaardigheden zijn waardevol, maar ze helpen een misbruikt kind zelden een stap vooruit. Zijn of haar "neen" wordt niet gehoord of wordt verdrongen met mooie beloftes.

De klemtoon van preventie ligt op het vergroten van de emotionele draagkracht van alle kinderen. Ze gaan op zoek naar manieren om met hun gevoelens om te gaan en ze leren dat ze met kleine of grote problemen best op zoek gaan naar iemand die misschien kan helpen.

Om dit doel te bereiken focust de school best op twee preventieniveaus.

  • Algemene preventie: het creëren van een positief schoolklimaat.
    Hiermee bedoelen we een warme, open en vertrouwelijke sfeer waarin kinderen en leerkrachten samen leren
    en leven op school.
  • Specifieke preventie: de kinderen begeleiden bij het trainen van sociaal-emotionele vaardigheden aan de hand van de activiteiten die in dit boekje aangereikt worden.

De praktijk: wat als het fout gaat?

Leerkrachten zijn dag in dag uit begaan met het welbevinden van de kinderen. Zij zijn dan ook vaak de eerste die op basis van bepaalde signalen vaststellen dat een kind niet goed in zijn vel zit. Bij twijfels over het welbevinden van een kind zoekt de leerkracht best ondersteuning bij de zorgcoördinator en/of directie, bij het CLB of indien nodig bij een gespecialiseerde instantie. Tot hier gaat de verantwoordelijkheid van de leerkracht.

Daarnaast reiken we de school zoveel mogelijk informatie en handvatten aan om met concrete vermoedens van misbruik om te gaan. Toch is het de school zelf die op zoek moet gaan naar de weg die het best bewandelt. Deze zoektocht wordt bepaald door veel wikken en wegen, maar vooral door de zorg om het kind. Paniek is daarbij nooit een goede raadgever.

We geven advies op verschillende vlakken: Hoe ga je om met signalen die mogelijk op misbruik wijzen? Wat doe je wel of niet als een kind jou in vertrouwen over misbruik vertelt? Op welke manier en door wie worden de ouders aangesproken? Welke ondersteuning kan het CLB bieden? Wanneer kun je contact opnemen met een vertrouwenscentrum kindermishandeling? Ga je wel of niet naar de politie? En wat gebeurt er dan op juridisch vlak? En wat als een personeelslid verdacht wordt van seksueel misbruik of een kind seksueel afwijkend gedrag vertoont?

De algemene raad die we de lezer willen meegeven is om elke twijfel au serieux te nemen, maar niets overhaast te doen. Probeer elke stap discreet en in overleg met anderen te zetten en steeds in het belang van het kind. En hoe de situatie achteraf ook evolueert, besef dat jouw bijdrage misschien van cruciaal belang was.

De activiteitenbundel

De activiteitenbundel biedt de leerkrachten een aantal preventieactiviteiten om in de klas te gebruiken. Voor elk leerjaar, van de eerste kleuterklas tot en met het zesde leerjaar, werden twee thema’s uitgewerkt.

Armadillo, een vrolijk gordeldier komt tot leven in verhalen, poppenspelen, ervaringsgerichte oefeningen, kringgesprekken en creatieve werkvormen. Hij wil samen met de kinderen aan hun sociaal-emotionele ontwikkeling werken. Dit is waardevol voor àlle kinderen, want ze hebben allemaal hun kleine of grote problemen. Daarnaast hopen we dat het misbruikte kind dankzij deze activiteiten iets meer houvast vindt in het omgaan met zijn twijfels en problemen. Het thema seksueel misbruik komt hierbij niet letterlijk aan bod.

Voor de kinderen uit de derde graad werd een verhaal geschreven over seksueel misbruik. Dit kan als basis dienen om het thema in het kader van de lessen relationele en seksuele opvoeding te bespreken. Wat is seksueel misbruik? Waar kan je terecht met vragen? Wie kan je helpen? Daar waar de andere activiteiten een ervaringsgerichte invalshoek hebben, is dat bij deze activiteit zeker niet het geval. Het is niet de bedoeling kinderen aan te zetten om ervaringen in de klas te vertellen, integendeel.