Ga verder naar de inhoud

Nieuwe voorzitter GEOLIM stelt zich voor

De Werkgroep geologie (GEOLIM) van LIKONA heeft een nieuwe voorzitter, Bert Neyens. Dé ideale gelegenheid om bij Bert aan te kloppen en enkele vragen te stellen over zijn engagement en de werking van GEOLIM.

Geologie is bij het grote publiek niet erg bekend

Bert:  Dat klopt, nochtans is onderzoek van de Limburgse ondergrond erg belangrijk. Je kan heel wat aspecten linken aan geologie. Neem het mijnverleden, de grindwinning, de winning van de meest witte zanden ter wereld en de vruchtbare leemstreek die Limburg op de economische kaart gezet hebben. De mogelijke komst van de Einsteintelescoop naar de Euregio Maas-Rijn wordt hoofdzakelijk bepaald door de aard en stabiliteit van de gesteentelagen in dat gebied. Ook de toepassing van geothermie wordt onderzocht. 

Verder zijn het verloop van de Maasvallei, de bossen van het Nationaal Park Hoge Kempen, de vennen en het golvende landschap van Haspengouw – elk met hun typische dieren en planten – te danken aan de geologie. Al die hellingen, heide, holle wegen enzovoort trekken fietsers en wandelaars aan. Je kan dus stellen dat geologie mee de grondslag vormt van de Limburgse economie, het toerisme en de natuur.

Wat wil GEOLIM concreet bereiken?

Bert: GEOLIM houdt zich bezig met geologie in het algemeen en met die van Limburg in het bijzonder. Onze werkgroep wil de ondergrond letterlijk zichtbaar maken en verwelkomt iedereen met interesse in geologie en landschapsvorming. Tegen een kleine jaarbijdrage kan je deelnemen aan onze maandelijkse activiteiten.
Daarnaast werken we onderzoeksprojecten uit waarbij vrijwilligers actief kunnen meewerken — echte citizen science. Zo liepen er al projecten rond de samenstelling en herkomst van het Maasgrind, ijsschotszwerfstenen en zoetwaterkwartsieten.

We hechten ook veel belang aan informatie en educatie. Onze leden verzorgen rondleidingen bij het Stenenpad in Kattevennen (Genk) en geven workshops voor kinderen over het determineren van stenen. Er worden ook lezingen en vormingen gegeven, onder andere voor de Limburgse natuurgidsen-in-opleiding. Publicaties zoals geologische fietsroutes en een keienkaart maken eveneens deel uit van onze werking. Het boek Natuursteen in Limburgse gebouwen door oud-voorzitter Roland Dreesen e.a. is ongetwijfeld een van de paradepaardjes.

Tot slot zetten we ons in voor het beschermen en creëren van geologische fenomenen en monumenten, en vragen we meer aandacht voor het delen van informatie over de ondergrond van onze Limburgse natuurgebieden. Hiervoor gaan we indien mogelijk in overleg met overheden en bedrijven.

Hoe zie jij je rol als voorzitter?

Bert: Binnen de werkgroep hebben we een kernteam dat de goede werking verzekert. Het is mijn taak deze op geregelde tijdstippen samen te roepen om afspraken te maken over taken en verantwoordelijkheden. Zelf neem ik de coördinatie van de opmaak van het jaarprogramma op mij en vertegenwoordig GEOLIM in het LIKONA-bestuur. Ik fungeer ook als centraal aanspreekpunt voor vragen van externen. Daarnaast wil ik net als de voorbije jaren tijd blijven besteden aan lezingen of excursies.

Ik stel ook twee meer persoonlijke doelstellingen: het aantrekken van meer leden voor onze werkgroep én de realisatie van een nieuw geologisch monument. Dit gedenkteken moet het belang van de Maas en het grind voor Limburg in de kijker zetten, naar analogie met vergelijkbare initiatieven voor steenkool.

Ben je al lang in geologie geïnteresseerd

Bert: Al van jongs af aan was ik gefascineerd door geologie. De studierichting "aard- en delfstofkunde" (zoals die destijds nog heette) aan de KULeuven was dan ook een logische keuze. Hoewel ik beroepsmatig elke dag met grondstoffen bezig ben, raakt dat slechts zijdelings aan “de echte geologie”. Mijn toetreding tot GEOLIM wakkerde mijn sluimerende interesse opnieuw aan en gaf mij de kans om veel kennis op te doen. Dat leidde ertoe dat ik na verloop van tijd het engagement aanging om zelf mee excursies te organiseren en presentaties te geven. Wat op zijn beurt leidt tot nog meer kennis én voldoening. Ik hoop met mijn persoonlijke inzet de motor van GEOLIM mee draaiende te houden en bij te dragen aan het levend houden van de missie.

Heb je een persoonlijk GEOLIM-hoogtepunt?

Bert: Er zijn uiteraard vele hoogtepunten en dat op verschillende vlakken. De boeiende uiteenzettingen – met een bijzondere vermelding voor Roland Dreesen, ere wie ere toekomt -, de sociale contacten, vaak vergezeld van een fris pintje tijdens de pauzes op excursies en een kwinkslag op tijd en stond horen hier zeker bij.
Als ik er toch één moet noemen, dan is het de studie rond de ijsschotszwerfstenen. Het gaf veel voldoening om de veldwaarnemingen verwerkt te zien tot statistische conclusies. Als we, gewapend met hamer en vouwmeter, de nodige vaststellingen doen, worden we door verbaasde voorbijgangers vaak bekeken alsof we een speciaal ras zijn. Tja, wat voor de ene een hoop banale keien is, boeit ons juist mateloos. Die ervaring zullen ze in de andere werkgroepen allicht wel herkennen.

Heb je ook een favoriet geologisch plekje?

Bert: Daarvoor moeten we de ondergrond in. Groeves zijn niet altijd populair bij het brede publiek, hoewel vrijwel iedereen zelf in een huis woont waarvoor grondstoffen zijn ontgonnen. Voor de geologen vormen groeve-wanden echter een uniek kijkvenster in de ondergrond. En in dat opzicht is de Kikbeekgroeve in Maasmechelen een absolute topper.

Gerelateerde publicaties

Elke maand komt de Mossenwerkgroep van LIKONA samen in een van de labo’s van het PNC. Met binoculairs en determinatietabellen verdiepen de…
In het LIKONA-jaarboek verzamelen onderzoekers, vrijwilligers en studenten van de LIKONA-werkgroepen interessante artikels over…

Doe mee

Samen zetten we onze schouders onder een groene en duurzame provincie.