Een groene speelplaats is het nieuwe normaal - Interview met Dirk Smits & Kathleen Jeunen.
Een groene speelplaats is veel meer dan een mooie schoolomgeving. Ze geeft letterlijk en figuurlijk ruimte om buiten te leren en maakt lessen over natuur, taal en creativiteit extra levendig. Daarnaast helpt vergroening tegen hitte en wateroverlast, versterkt ze de biodiversiteit en draagt ze bij aan het welzijn van leerlingen. Ook brengt een groene speelplaats mensen samen, van ouders tot buurtbewoners.
We vroegen aan Dirk Smits, coördinator patrimonium van scholengemeenschap de Speling uit Genk en Kathleen Jeunen, leerkracht aan Freinetschool De Step uit Beringen, hoe zij de vergroening en de begeleiding van het Provinciaal Natuurcentrum hebben ervaren.
Dirk en Kathleen, kunnen jullie de situatie vóór de vergroening kort beschrijven?
Kathleen: Onze speelplaats was al ruim en groen, maar verbetering is altijd mogelijk. We wilden vooral af van de verharde binnenkoer en de betonnen trappen die als amfitheater waren bedoeld. Die blokken bleken echter te hoog en te smal, waardoor ze gevaarlijk waren voor de kinderen. Daarom werd er boven- en onderaan een bekaertdraad geplaatst, iets waar we ons altijd aan hebben gestoord.
Dirk: Bij ons gaat het over een scholengemeenschap met achttien basisscholen in Genk en Zutendaal. Veel gebouwen dateren uit de jaren vijftig en zestig. De speelplaatsen zijn vaak echte grijze woestijnen: volledig verhard, zonder groen en zonder schaduw.
Wanneer begon schoolvergroening bij jullie echt te leven? Was er een concreet moment dat de doorslag gaf?
Dirk: Ik verwees al naar het gebrek aan schaduw en verkoeling. Daarnaast speelde financiering een belangrijke rol. Omgevingswerken worden enkel gesubsidieerd via een wachtlijstdossier bij Agion, waar de doorlooptijden kunnen oplopen tot bijna twintig jaar. De eerste subsidieoproep ‘Natuur in je School’ van de Vlaamse overheid in 2022 was daarom een echte kans om onze speelplaatsen grondig aan te pakken.
Verder biedt de stad Genk logistieke ondersteuning bij onthardingswerken, waardoor een project haalbaar blijft voor een school. Genk neemt op vlak van ontharding en vergroening trouwens een voortrekkersrol op. Denk maar aan het stadsbos of de ontharding van de Evence Coppéelaan. Die dynamiek wordt nu doorgetrokken naar de schoolomgevingen.
Vanuit de scholengemeenschap hebben we ook bewust een ondersteunende en coördinerende rol opgenomen. Zo ontzorgen we besturen, directies en schoolteams, want door de toenemende werkdruk belanden dossiers als die van een vergroening vaak onderaan de stapel.
Kathleen: Ik kan het belang van de ondersteuning van de scholengemeenschap alleen maar bevestigen. Alleen hadden we zo’n groot project nooit kunnen realiseren. Voor mij ligt het echte kantelpunt zo’n vijftien jaar geleden, toen ik mijn schouders zette onder het MOS-verhaal. Samen met de schoolbegeleider van het PNC, Karel Brone en andere collega’s hebben we al heel wat mooie groene elementen gerealiseerd. Van onze vijftien jaar oude wilgentunnel genieten we nog elke dag.
Hoe belangrijk is de begeleiding van het PNC-team voor jullie?
Kathleen: Niets dan lof voor de inspirerende en constructieve aanpak. Ook de bijscholingen en inspiratiedagen zijn bijzonder waardevol. Je gaat telkens naar huis met praktische en bruikbare ideeën. Samen met een collega heb ik zelfs eens een lezing gegeven.
Dirk: Naast de provinciale subsidies is de coaching van het PNC-team een grote meerwaarde. Ze nemen het personeel mee op sleeptouw, leveren inhoudelijke input, bouwen draagvlak op, stimuleren participatie en begeleiden scholen tijdens het volledige voortraject.
Welke groene elementen hebben jullie gerealiseerd en waarom?
Dirk: Intussen zijn zeven speelplaatsen binnen onze scholengemeenschap vergroend. Bij de eerste projecten lag de nadruk vooral op groen in combinatie met speeltoestellen. Vandaag evolueren we steeds meer naar avontuurlijke speelplaatsen met speelnatuur. Vijf jaar geleden was dat voor veel scholen nog ondenkbaar.
Kathleen: We zijn gestart met het aanpakken van de gevaarlijke trappen. De betonnen elementen werden hergebruikt voor zithoekjes en veiligere trappen. Het resultaat is een groene speelberg met glijbanen, klimtoestellen, veel groen en als kers op de taart een waterbaan.
Momenteel zijn de sportvelden aan de beurt. Om die groter te maken, is een deel van de parking opgeofferd. De grondwerken en het inzaaien zijn al gebeurd. Hoe het geheel er uiteindelijk zal uitzien? Dat bepalen de kinderen mee. Leerlingen van de derde graad maakten verschillende ontwerpen, waarna de kinderraad de uiteindelijke keuze maakt. In september gaan we ermee aan de slag.
Worden leerlingen steeds betrokken?
Dirk: Zeker. Kinderen mogen mee dromen over hun ideale speelplaats. In veel scholen helpen ze ook bij het onderhoud: water geven, onkruid wieden enzovoort. Dankzij buitenklassen komen ze bovendien meer in contact met de natuur.
Kathleen: Bij ons werden zelfs de kleuters betrokken. Nu alles achter de rug is, zijn we trots dat we aan vrijwel alle haalbare wensen van de kinderen hebben kunnen voldoen.
Zijn jullie hindernissen of tegenslagen tegengekomen?
Dirk: Elke verandering roept weerstand op. Daarom is het belangrijk voldoende tijd te nemen en een breed draagvlak te creëren. Vragen over risico’s bij avontuurlijk spelen, meer vuil in het gebouw of vuile kleren leven vaak bij leerkrachten en ouders. Dat vraagt een andere mindset.
Ook voor ontwerpers is het een uitdaging. Het doel is niet om speelplaatsen te vertuinen, maar om echte speelnatuur te creëren. Dat vraagt een specifieke aanpak. Daarnaast blijft voetbal op veel speelplaatsen veel ruimte innemen. Het blijft belangrijk om ook daarvoor voldoende plaats te voorzien.
Kathleen: Een belangrijk minpunt is dat het traject erg lang duurt. Sommige leerlingen die van bij het begin betrokken waren, zitten ondertussen in het zesde leerjaar en hebben relatief weinig kunnen genieten van het eindresultaat.
Vormt het beheer van een groene speelplaats geen uitdaging?
Dirk: Een groene speelplaats vraagt meer en blijvend onderhoud. Dat is een permanente kost waarmee scholen rekening moeten houden.
Kathleen: Volgens mij houdt net dat onderhoud het project levend. Gelukkig krijgen we veel steun van onze scholengroep, ouders en kinderen. Tijdens de zomervakantie is er bijvoorbeeld een beurtrol om de planten water te geven. Ook staat de werkgroep tuin, een ouderengagement, in voor het maaien en snoeien. Voor grotere werken doen we enkele keren per jaar beroep op een externe firma.
Zijn de effecten van de vergroening al merkbaar?
Kathleen: We zitten op een roze wolk. Na drie jaar hard werken, nadenken, zorgen en investeren genieten we elke dag van onze nieuwe speelplaats. Omdat de kinderen zo nauw betrokken waren, voelen ze zich mede-eigenaar en verantwoordelijk. Ze bewegen meer, spelen gevarieerder en er zijn veel minder conflicten.
Ook leerkrachten en ouders merken de voordelen. De bewaking verloopt rustiger, kinderen keren ontspannen terug naar de klas en ouders krijgen blije kinderen mee naar huis. Vuile kleren nemen ze er graag bij.
Zelf heb ik zoveel energie gekregen van dit project dat ik met veel enthousiasme blijf verder werken aan vergroening. We zijn nog lang niet uitvergroend. Er zijn nog genoeg plekjes die een upgrade kunnen gebruiken.
Dirk: Ook wij merken meer rust en minder conflicten. Als je de glunderende gezichten van de kinderen ziet bij de opening van een nieuwe speelplaats, zegt dat eigenlijk alles. Daarnaast merken we dat steeds meer Genkse basisscholen openstaan voor vergroening. Het is bijna vanzelfsprekend geworden.
Hebben jullie nog een laatste tip voor scholen die twijfelen?
Dirk: Een vergroende speelplaats kan hét visitekaartje van je school zijn en een belangrijk argument voor ouders om voor de school te kiezen. Stadskinderen komen steeds minder in contact met natuur. Groene speelplaatsen geven hen opnieuw die kans. En wie natuur leert kennen, zal er ook meer respect voor hebben.
Kathleen: Probeer het niet alleen te doen. Betrek kinderen, ouders en de buurt. Als je ziet hoeveel plezier kinderen beleven aan een vergroende speelplaats, weet je dat alle tijd en energie de moeite waard waren. De groene projecten waaraan ik heb meegewerkt, behoren zonder twijfel tot de hoogtepunten van mijn carrière.
Hartelijk dank voor jullie enthousiaste getuigenissen en voor al het werk dat jullie op het terrein verrichten.
Ondersteuning
Een speelplaats omvormen van grijs naar groen gebeurt natuurlijk niet van vandaag op morgen. Het vraagt een doordachte visie en de betrokkenheid van leerlingen en leerkrachten. Daarnaast moeten ook directie, schoolbestuur, onderhoudspersoneel, ouders en preventieadviseurs mee achter het project staan.
Daarom ondersteunt het Provinciaal Natuurcentrum Limburg basis- en secundaire scholen met vergroeningssubsidies én een intensieve begeleiding van het vergroeningsproces. Karel Coenen, Bieke Geukens, Philippe Plessers, Ingrid Coenen en Johan Lambrix staan klaar om scholen op verschillende manieren te ondersteunen tijdens het voortraject, na de uitvoering én bij het educatief gebruik van de vergroende speelplaats.
Gerelateerde publicaties
LIKONA jaarboek 1998
LIKONA jaarboek 1999
Doe mee
Samen zetten we onze schouders onder een groene en duurzame provincie.